De harde wind
waar Rommy voor waarschuwde begint om 16.00 uur te waaien. Dan zijn we net de
hoek om bij Cascais. Goede planning van onze navigator. We scheuren met 7.5
knopen de Taag op. In het voorbijgaan proberen we het huis te vinden waar Irma
en Raoul hebben gewoond. We vinden het niet. We wisten ook niet waar het was.
Van Peniche varen
we samen met de Javahiné (GB), de Nanuq(GB) en de Royan Vert(FR). Tenminste: we
zien stipjes in de verte en zien op de AIS dat zij het zijn. De Javhiné kennen
we goed. Vier gezellige Engelsen, ze lagen alle dagen in Póvoa naast ons. De
Rayon Vert spraken we in Peniche voor het eerst. Gepensioneerde Franse leraren.
Ze willen in hun snelle RM door het Panama-kanaal de Pacific doen en dan naar Canada.
Dat zijn pas plannen. Zij heeft haar arm gebroken, doordat een Nederlander ze
van zijn boot joeg. Maar de meeste Nederlanders zijn aardig, zeggen ze keer op
keer en wij verontschuldigen ons steeds opnieuw voor onze medelander. Er zijn
ook Franse klootzakken zeggen ze. Dat is waar. Als we ze weer treffen, zullen
we naar de arm informeren en ons weer namens Nederland verontschuldigen. Je
moet mensen de kans geven ruimhartig te zijn.
De havenmeester
in Nazaré (de volgordelijkheid laat weer te wensen over, zal Rommy zeggen) was
om 17 uur vertrokken en de dag erop was het zaterdag. Vrije dag. Er hing wel
een briefje waar je dan naar toe kon lopen om te betalen. Nou ze zoeken het
maar uit.
In Peniche
hetzelfde: aan de overkant van de haven (drie kwartier lopen) is een kantoor
waar je na 17.00 uur kan betalen. Nou, ze zoeken het maar uit. Maar net voor we
’s morgens weg willen varen verschijnt een havenman. In het kantoortje €23,00
betalen. Voor driedubbel aan een steiger liggen met langsscheurende vissersboten.
En weer geen douche. Hebben jullie meegeteld hoeveel dagen we niet gedouched
hebben? Ik ga maar douchen met de campingdouche en oogst veel reacties van de
voorbijvarende sportvissers op mijn blote kont. Ze doen maar. Ik ben weer fris.
We verkennen om de
beurt Peniche, omdat we geen toegangspasje voor de haven hebben. Ik herken het
Java Café, waar ik de vorige reis zat te internetten. Harde muziek, vol met jongeren, die doen wat jongeren doen.
Voor zich uit staren en op hun mobieltjes kijken. Wij hadden vroeger geen
mobieltjes. We konden alleen maar voor ons uit staren. Maar daar hadden we dan
wel de juiste middelen voor.
Maar goed. We
scheuren dus de Taag op. Onder de grote brug (heette vroeger de Ponte Salazar)
door. De auto’s maken een oorverdovend lawaai. We vinden een plekje vlak achter
de Aveline van Frans en Maartje. We waren de dag, dat ze vertrokken uit Póvoa naar
Porto. Frans helpt bij het aanleggen. Alsof we weer in Herkingen zijn.
Helemaal
vergeten, dat het zondag is. Ik kijk op Nu.nl en zie dat Feyenoord met 5-0 van
Roda heeft gewonnen. 21 punten uit 7 wedstrijden. Ongekend. Leuk voor Wim ook.
Morgen eerst douchen en dan drie
dagen Lissabon bekijken. Je moet toch wat.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten