woensdag 16 mei 2018

St Vincent


Up in the better, eastern anchorage, it presents security concerns as there have been several armed incidents. The police, when they have a boat, are willing to patrol, and would certainly do so for a group of boats. Aldus de Sailors Guide over een grote baai aan de westkust van St Vincent. When they have a boat…  We varen naar  Wallilabou Bay, 5 mijl verder. Het was de hoofdlocatie van de Pirates of the Caribbean. Delen van de set zijn behouden en er is een ruimte met requisieten. Voor het kleine hotel zijn moorings of je ankert en de boatboys leggen je achtertouw aan een boom (EC$10). We nemen een mooring (EC$50). Na 4 dagen Euro’s zijn we weer in de East Carribean Dollar (10 EC$ is 4 US$), maar US dollars neemt men overal. Wallilabou Bay is trouwens schilderachtig mooi.


Om 06 uur even zwemmen en de slingers ophangen, een eitje koken en koffie zetten. Ik lees de biografie van Juliana, terwijl ik wacht tot Rommy wakker wordt, 66 jaar oud. Speedy, een boatboy komt langs roeien met een vislijn achter zijn kleine bootje. Ik kan een tonijn kopen als hij terug komt. De wereld van de koningin is bizar, Juliana was opstandig, creatief en niet zo slim, Bernard was slim en doortrapt, Wilhelmina was zeer ouderwets. Speedy komt terug: no fish today.


Gisteren las ik Er isst wieder da , de hoofdfiguur Adolf Hitler is er weer en spreekt prachtig archaisch Duits. Zijn gedachten over de huidige tijd zijn aanstekelijk. 


Bij de zuidpunt van St Vincent is de Blue Lagoon, een kuil in het water omringt met riffen. Op het kaartje is te zien, dat de ingang lastig is. Op de riffen staat steeds een witte branding. Toch is er een dag geleden een Frans jacht op geknald, dek eraf, total loss. Ze wilden bij de andere boten gaan liggen, keken niet op de kaart of naar bakens en negeerden de branding. De tandeloze man van onze mooring vertelt er over. Ik deel zijn mening over Franse zeelui. Hij heeft verder goed nieuws: het vliegveld ligt inmiddels aan de andere kant van de Lagoon en is gemakkelijk te bereiken. Het kantoor van de Custums and Immigration is nu hier aan de wal. Dat scheelt een lange tocht naar Kingston.


Vanwege Rommy’s verjaardag gaan we uit eten. Bij de strandtent waar Rudy Carell altijd kwam. Onder de palmen aan het strand met Rum Punches en Painkillers als apperative. De baai ligt vol met catamarans. We hebben het er over om zo’n huisje op het water te kopen en hier te blijven. We hebben dan een logeerhut voor de mensen uit Nederland en voor ons zelf meer comfort en ruimte. Je ligt hier altijd voor anker of aan een mooring, dus de breedte is geen probleem. Is het de Rumpunch en de Painkiller, die ons op deze gedachten brengt? We bespreken de modellen, die in de Lagoon liggen. Rommy wil er één, die er nog een beetje uitziet, mij kan het niet lelijk genoeg zijn.


Aan boord bekijken we nog een aflevering van 24. Als ik Rommy vraag of ze nog wat wil drinken is ze in diepe slaap. Het was een mooie verjaardag. Morgen gaan we opruimen en schoonmaken. Jori komt. We hebben een route uitgestippeld: Wallilabou, Bequai, Mystique, Grenadines, Carracou en Grenada.

zaterdag 12 mei 2018

Martinique


Basseterre: de viswedstrijd is uitgesteld vanwege de ruwe zee. Het is Labour Day en op de radio gaat het er nog dagen over, dat de Labour Party deze dag heeft ingepikt. Vroeger was het een Mei-feest voor het hele gezin. Dan is er op internet nog de foto van een naakte juffrouw in de uniformjas van de Hoofdcommisaris van Politie. En de headlines van de kranten gaan over het legalizeren van Canabis. De gouverneur is fallikant tegen met: als je ziet dat jongeren met een stickie de dominee niet meer groeten, wat zal het worden als iedereen het kan verkrijgen. Zo’n argument zet je toch aan het denken.


St Kitts is heel goed. De oude suikerplantages, het oude fort en de stad zijn mooi en de mensen zijn heel prettig. Iedereen maakt graag een praatje, ze willen alles van je weten en ze vertellen alles over zichzelf en de familie. Grappen en ouwehoeren is standaard. Ik zag een agent een al grappend een bekeuring uitschrijven. Hoewel St Kitts in het huricane gebied ligt, kan je de boot bij Sandy Point op het land zetten. Ze maken een kuil voor je kiel en de boten staan zover van elkaar, dat geen dominoeffect mogelijk is. Ze verdienen aan de cruiseschepen en de resorts op de zuidpunt. In de dienstverlening doen Indiers het werk, alleen de taxi-chauffeurs zijn van St Kitts en die lullen dus onafgebroken. De duikschool met een grote boot naast ons wordt gerund door een Schot, een Engelsman, een Duitser en een Ier. Ze vertrekken elke ochtend met een volle boot. De dockmaster is van St Kitts, hij beantwoord de radio nooit, maar als je hem later spreekt heeft hij alle tijd. How long are you going to stay? Forever, zeg ik. Hij loopt lachend door.

Philip en Claire, onze buren, hebben hun  paspoorten moeten inleveren. Ze hadden begrepen dat in- en uit-klaren in één keer op de vertrekdag kon. Dus niet. We zullen niet weten, hoe het afloopt want wij vertrekken wel (met een uitklaring) en kunnen alleen maar naar ze zwaaien..

In een dag en een nacht varen we naar Martinique. Omdat we ‘s avonds laat nog ver voor de kust bij St Pierre zitten, gaan we door naar de hoofdstad Fort de France. Het is de 4e keer, dat we daar komen. Het lijkt een tropische buitenwijk van Parijs. Goedkope zaken en dure zaken, een bibliotheek en een kerk van Gustav Eifel, en groot fort, heel veel havens en Franse cultuur (ieder voor zich en lekkere kaasjes).


Het eind van de tocht was niet gemakkelijk. Toen we motor starten om dichter bij de kust te komen kwam er geen koelwater. In een heftig schommelend boot vond ik na een uur het probleem: de schijf van de v-snaar, die de koelwaterpomp aandrijft slipte. De schijf zit met een rechthoekige uitsparing op de as, de uitsparing was helemaal weggesleten. Toen liep de moter weer. Kort: weer geen koelwater. Ik vervang de slang van de pomp naar de motor, daar zit veel locktite tussen die door de hitte is verbrokkeld. En dan loopt de motor weer lekker met veel koelwater. Kort. Doodvermoeid, het slingeren, de hitte van de motor, zoek ik naar het probleem. Ik haal de pomp er weer af. De impeller ziet er nog heel goed uit. En dan zie ik ineens dat de impeller niet met de as meedraait. Het bronzen busje is waarschijnlijk door de hitte van het draaien zonder water los van het rubber van de impeller gekomen. Een nieuwe impeller met een spie gaat er lastig in, zeker in een schommelende boot. En dan brengt de motor ons in 4 uur naar Fort de France , waar om 4 uur ’s nachts in een regenbui ankeren. Als we de volgende ochtend zien hoe we liggen, zijn we heel tevreden.

Ik had wel een moment, dat ik dacht dat ik te oud ben voor deze toestanden. Maar dat moment is al lang weer voorbij, ik schat dat we het nog wel 5 jaar volhouden.

Fransen staan altijd te mopperen in de douane en immigratiekantoren. Ze mopperen trouwens altijd en met een racistische ondertoon. Maar op een Frans eiland kan je in een winkel of een café zelf op een computer gratis inklaren. De computer in de winkel in Fort de France ligt er vandaag uit, we besluiten om morgen aan te komen. Dat lijkt de winkelier ook een goed idee. We kennen Fort de France goed. Om onze stijve spieren te verwennen lopen we nog een keer omhoog naar de kapel met de kruisgang. Weer beneden kopen we bij de Carrefour  kaasjes, worst en Leffe Blond. In Rotterdam is het normaal Leffe Blond te kopen, voor ons is het een bijzondere traktatie. 

Wat ik bedoel is: 3 keer ’s nachts een uur aan de motor sleutelen in een stampende zee, in een regenbui ankeren, 2 nachten maar 4 uur slapen en als de koning zo blij zijn met een Leffe. Dat bis ons leven. Jullie hebben het maar goed: douche, krantje, auto, Albert Heyn, eindje fietsen, de camping en de geraniums water geven. Dit hier is echt niks, dat is wel duidelijk. Maar ja, we zitten hier eenmaal en dan moet je doorgaan.

Achter een Engelse boot zien we dezelfde dinghy die wij hebben. Ook bezig uit elkaar te vallen. Ik ga even langs en we kunnen er heerlijk over mopperen. Alison en Miles komen uit Whitby en varen hier al 5 jaar rond. Ze geven nuttige informatie over St Vincent en Grenada. Colombia moeten we zeker doen. Iemand is met de dinghy terug naar de winkel gegaan en kreeg een nieuwe, maar die begon ook na een week uit elkaar te vallen.

Naast ons ligt een mooie Chesapeak Schooner, we kennen die boten van onze vrienden in Annapolis. Rommy zegt, daar zouden we op kunnen wonen. Ik ga er even heen om mijn complimenten te maken, ze leven al 27 jaar op die boot: Antillen, Pacific, Zuid-Amerika. De boot is nu te koop. We gaan er wel even naar kijken.

In de winkelstraat zit Remini onder een parasol vogels en asbakken van kokosnoot te snijden. Hij maakt voor ons een maskertje. Met het oog op haar verjaardag kopen we voor Rommy een Caribische broek met geplooide blouse. Misschien kunnen we de 15e in een goed restaurant eten. Met de broek bedoel ik.


Het zijn nog 3 dagtochten naar de zuidkant van St Vincent, daar komt Jori aan boord. Morgen de 1e etappe naar St Lucia. Een onveilig eiland, maar in het Noorden is een goede baai.

zondag 6 mei 2018

Basseterre,St Kitts


Als de zon opkomt zien we een hoge berg met een wolk op de top. Dat is Saba, altijd in de wolken. Onze koers ligt voor Saba langs naar St Eustatius (Statia), aan bakboord zien we de reeks heuvels van St Maarten. We zijn in tropisch Nederland. Dan krijgen we een zware stortbui, de regen valt bijna horizontaal. Als de bui voorbij is getrokken, is de wind geruimd (zoals we dat op de zeevaartschool hebben geleerd) en Eustatius ligt nu recht in de wind. De tocht gaat 3 uur langer duren en de wind is 22 knopen. 15 nMijl voor ons ligt St Maarten. We varen dus naar St Maarten en ankeren buiten voor de brug in de Simson Baai. Veel herinneringen aan de Heineken Regatta komen weer boven.


Onderweg naar de wal slepen we een dikke Engelsman met motorpech naar de jachtclub. De meeste huizen aan de kant van de Simson Baai zijn hersteld. Vandaag en morgen is er de carnavalsoptocht, dus Budget Marine is dicht. Geen waterseal voor de waterpomp. We doen boodschappen (Verkade spritsen, Frico oude kaas en smeerleverworst) en slaan wat belastingvrije drank in. Een 7 jaar oude Havanna Club voor $18 kan je niet laten staan, zegt Rommy. Er zijn hier veel Nederlanders en veel Heineken reclames. Nieuwe reclameborden, want de oude zijn allemaal omgewaaid. Verderop is de startbaan die bij het strand eindigt. Soms zie je filmpjes van lui, die zich aan het het hek vasthouden en dan weggeblazen worden als er een vliegtuig start. Ze gaan over onze mast. De vliegtuigen.


Het is warm op straat en de getapte Heineken in de jachtclub smaakt heerlijk. De barman komt uit de Hoekse Waard, Strijen. We zijn het met hem eens, dat Rotterdam heel mooi is geworden.


De tocht naar St Kitts verloopt volgens plan. Tussen Eustatius en Kitts nog zware buien. We ankeren in het donker in een baai in het zuiden van Kitts. Er liggen verlichte boeien van de ingang van een superjachten haven. Dus navigeren is gemakkelijk. In de baai ten Noorden van de jachthaven liggen meerdere zeilboten, wij liggen alleen. Even hebben we de neiging te doen wat die anderen doen, maar we trekken toch ons eigen plan. Bernt, de docent zeevaartkunde zei altijd, dat je zelf je beslissingen moet nemen.



De tocht naar Montserat verloopt niet volgens plan. Als we Nevis voorbij zijn zitten we in een harde ZO-wind. Op de ankerplaats kon ik geen kortegolf verbinding maken (Tinidad of Panama), maar buiten op zee haal ik een weerkaart op en die belooft niet veel goeds. We draaien om. We gaan naar de haven van Basseterre op St Kitts. Als we een paar dagen vast zitten kun je beter in een stad zijn. Supermarkt, Yanmar-dealer, diesel en water. En het verassend goedkoop allemaal, vergeleken met de Bahamas. $12 voor de ligplaats en $ 26 voor de authoriteiten. De winkes zijn taxfree, St Kitts is een soort dependance van St Maarten. De mensen, die we spreken zijn allemaal vrolijk, open en belangstellend. We hebben veel lol op het kantoor van de pilots (waar je voor de immigration moet betalen).


Het stadje is druk, heet, rommelig en kleurrijk. De grote kerk is nog steeds in restauratie. Tegenover de kerk is een voetbalveld en een cricketveld (de grote sport hier in de West Indies). We hebben een filosofisch gesprek met veel handshakes met de terreinknecht. Is er misschien een wedstrijd? Ja, vanavond. Dus zitten we ’s avonds als enige blanken naar de semifinale van de beker van de Nevis/St Kitts te kijken. Ik spreek tijdens de opwarming een man met een microfoon aan en vraag over de teams. Hij vertelt over de teams en de beste spelers. Gerry blijkt zelf in het nationale team te hebben gespeeld en nog kort voor FC Twente. We zijn het er over eens dat Bergkamp de mooiste voetballer was.

De Fransman naast ons in de haven is gister net als ons omgedraaid op zijn tocht naar Gouadeloupe. Aardige mensen, beroerd Engels. Zij zullen zeggen: aardige mensen, beroerd Frans.




Het is een mooie wandeling langs de baai naar de Indigo Boatyard, die Yanmar parts verkoopt. In een loods met kapotgewaaid dak zijn 3 mannen een boot aan het opknappen, we maken een praatje en gaan dan naar het kantoor boven. De eigenaresse van Indigo Boatyard komt uit Eemnes en woont al 19 jaar op St Kitts. Toen ze op 29 jarige leeftijd een burn-out had koos ze voor het leven hier. Ze heeft geen waterseal. Er zijn hier bijna geen boten met inboard motoren. Ik krijg een stuk perspex voor mijn onderwater-kijk emmer. 

Het is Independence Day. In de hoofdstraat zijn wedstrijden van brandweerteams. De haven ligt tegen de stad aan, we horen de hele nacht muziek uit verschillende kanten. De harde wind verwaait het geluid. Op het terras van de Cuban Lounch Bar doen we WIFI weerbericht met een Stag, het krachtige Caribische bier. Pas midden volgende week mindert de wind. Midden op de oceaan ligt een anticycloon zo vast als een huis. De vrouw, die ons bedient is blank. We vragen of ze uit Amerika komt. Nee, uit Cuba, uit Matanzas. Tussen het bedienen van de andere klanten door praat ze met ons over Cuba en Matanzas.


Een duiker zal om 6 uur in de morgen komen om ons midzwaard weer gangbaar te maken. Het is door weinig gebruik vastgegroeid. Er komt niemand, ik doe mijn Tai Chi op de kade en praat met de man van de duikschool over de Koemans. Kan je over de wereld zeilen zonder iets van Nederlands voetbal te weten? Het is trouwens Labour Day, misschien werkt de duiker daarom niet. Ik sta bij de pilots, die zich klaar maken om het volgende cruiseschip binnen te brengen, als een security guard een zeer dronken vrouw stijf gearmd terug brengt naar de duikersboot, die aan de andere kant van de havendam ligt. Er zijn 3 mensen nodig om haar aan boord te hijsen. Philip, de Fransman naast ons komt met de weerkaart van deze morgen. Dinsdag lijkt voorlopig een goede vertrekdag.



Boven de barbershop hangt een bord met “specialized in all kinds of hair”. Mensen die in alles zijn gespecialiseerd vind ik taalkundig en anderzijds interessant. Binnen staan 7 jonge mannen te knippen, ze spreken luid Spaans met elkaar om het geluid van een sportzender te overstemmen. Ik laat mijn haar heel kort knippen.



Om de 2 dagen ligt er een ander cruiseschip. Ik aas op een tochtje met de pilotboot, maar ze geven geen asem. De duiker kwam later, hij deed het zonder luchtfles. Het zwaard is nu half naar beneden. Hij blijft ergens achter steken, een klus voor in Trinidad.

Het is vandaag zondag. We gaan weer wandelen en vanavond naar een voetbalwedstrijd. Morgen provianderen, afmelden en dinsdag vertrekken.


zaterdag 28 april 2018

Anegada


Heel handig maken we gebruik van de stroom in de Virgin Passage tussen Culebra en St Thomas en daarna gaan we in de luwte van St Thomas naar Charlotte Amalie. Door een nauwe ondiepe doorgang glippen we van opzij de baai binnen. Aan bakboord ligt een ongeduldig watervliegtuig met veel lawaai. Als we een stukje verder zijn komt hij achter ons langs en stijgt op.

Charlotte Amalie is de top van het taxfree winkelen. Alle dure juwelen, horloges en mode zijn hier te vinden in oude Deense pakhuizen. Op het plein aan de haven is er een carnavalsmarkt. Honderd eetstalletjes met voedsel, sappen, cocktails en gebak.

Als ik later naar de pharmacy ga om de voorraad Omeprazol aan te vullen, zie ik dat daar bij de pier van de cruiseschepen nog een groot winkelgebied is met chique merken. Er liggen hier soms 3 cruiseschepen, dan stroomt er 6 duizend man de kant op. Vandaag ligt er niks.

’s Morgens om 6 uur horen we muziek en lawaai op de kade. De bevolking verzamelt zich voor de carnavalsoptocht. We varen naar de kant om te kijken. Harde muziek (gebonk met 3 herhalende tonen) en heel veel dansende jongeren. Geen prachtige kostuums of mooie wagens. De hurricane zal wel de oorzaak zijn, dat ze het simpel houden. Overal langs de kant stalletjes waar ze cocktails mixen, de dansende mensen worden vanuit de wagens voorzien van drank. Ze hebben veel plezier. We vinden 8 uur nog te vroeg voor een mix, maar misschien is het voor die mensen laat.

Tussen de regenbuien vertrekken we naar Jost van Dijke. Dat eilandje is heel zwaar getroffen, de hellingen zijn kaal, de huizen zijn beschadigd. De Foxy Tamarind Bar had de enige werkende generator, alle vooraden werden daar in de koelkasten gelegd. Met de enige kettingzaag ging men op pad om de afgelegen dorpjes te bereiken. Er staat nog een tiental tenten, waar de daklozen in wonen. Het begrip dakloos is hier wel anders dan in Nederland. Zelfs niet in het zwaar getroffen aardbevingsgebied Groningen. De Soggy Dollar Bar weer open is. Daar is de Painkiller uitgevonden! Ze hebben geen steiger, dus veel boaters gaan zwemmend naar de kant en betalen met natte dollars, vandaar de naam.


Painkiller: 1 deel annanassap, 1 deel sinasappelsap, zoete cocoscreme en dark rum. Try it at home..

We klaren in op het politiebureau, de bovenverdieping ligt in puin. Het andere stenen gebouw is de kerk. Hopelijk hebben daar geen mensen geschuild voor de hurricane, alleen de muren staan nog. Ze zijn bezig het schooltje te repareren. De Foxy Bar is weer helemaal tip-top. Foxy vertelt ons hoe hij een vrouw zocht in Europa. Hij was zelfs in Leiden. Hij vond haar in Portugal en ze zijn nog steeds gelukkig getrouwd. We willen ergens wat eten om de economie wat te steunen, maar de prijzen zijn zo hoog, dat we toch maar aan boord eten. Later hebben we daar spijt van.


In de Gorda Sound, de baai in het Noorden van Tortola ankeren we bij het hotel waar we met de Mare Libre en de Flying Circus painkillers dronken aan de rand van het zwembad. We liggen wat ongelukkig voor het omgewaaide resort en als ik in de gigds lees dat oostelijker een “nautical village”is lichten we het anker en gaan naar die andere plek. Het hele village is dakloos en we willen niet ankeren omdat de bodem waarschijnlijk nog bezaaid is met resten van huizen. We kiezen toevlucht achter het Prickly Pear Island. Daar slapen we heerlijk.


De oversteek naar Anegada is 7 knopen met halve wind. We nemen een mooring, vooral om morgen relaxed te kunnen afvaren. Er komt een bootje van het hotel met een menukaart en later komt de Lobster Trap met hun menukaart. Anegada ziet er anders uit als de andere BVI’s. Het zijn voor de rest vulkanische bergachtige eilanden. Op de hellingen heeft de orkaan erger toegeslagen. Anagada is als een Bahama eiland, vlak en omgeven met koraalriffen. Er is geen telefoonverbinding, dus gaan we aanstonds naar de wal met de laptop om deze blog te posten. Ergens bij een schuurtje halen we brandstof  voor de BB-motor.




maandag 23 april 2018

Spanish Virgin Islands


De douane-man had een oplossing: we moesten gewoon 15 dagen de zee op, hij wees daarbij richting zee, en dan terugkomen om een nieuwe cruising license aan te vragen. Mooi niet. Sommige mensen hebben geen idee van varen. De veiligheid van onszelf en ons schip gaat natuurlijk boven alles.
Als we terug zijn van het douanekantoor en de supermarkt varen we de Mona Passage uit en gaan de hoek om naar de zuidkust. Het eiland Mona ligt als een omgekeerde pudding aan stuurboord. Nog net voor donker ten anker tussen de eilandjes voor Parguera. De wind staat steeds pal tegen, maar ’s nachts komt er een katabatische wind. Het eiland koelt meer af dan de zee, er ontstaat een hogedrukgebied boven land en er komt een valwind van de bergen. Daarom besluiten we om 5 uur ’s morgens te vertrekken, zodat we nog van die wind kunnen profiteren. De noordenwind blijft tot 08.00 uur staan, dan neemt de trade wind het weer over.


Als we morgen de oostkust van Puerto Rico bereiken, gaan we van eiland naar eiland kruisen. Met onze nachttochten hebben we dat weer mooi gedaan.
Steeds meer goede berichten van John. We hebben bewondering voor hoe hij er mee omgaat. Normaal gesproken klaagt en zeurt hij nogal, maar nu is hij een heer. We drinken een Medalla op zijn gezondheid.

We nemen niet de baai van Salinas met de zeekoeien, daar liggen te veel gezonken schepen, maar nemen de Bahia de Jobos. Uitzicht op een suikerfabriek. Door het nachtelijke vertrek hebben we de hele middag om te klussen: een nieuwe leuver, andere olie in de ankerlier, kabel van de contactzekering vernieuwen, kettingstripper vastzetten, kabel van de toerenteller beter vastmaken en lijmwerkzaamheden aan de dinghy, die langzaam uit elkaar valt. Wat niet lukt is de lekkende waterpomp. De waterseal vervangen is een heel karwei. We wachten op een stormdag en pompen in de tussentijd het lekkende water om het uur weg. 


Het is jammer dat we niet veel van Puerto Rico zien, het is ons favoriete eiland. Als we ergens gaan wonen, dan is het hier of op Tenerife. Maar we gaan hier natuurlijk niet wonen, we kunnen niet zonder onze familie en vrienden. Dat is toch wel duidelijk...
Het wordt overmorgen voor we de oostkust bereiken. Als we om 05.00 uur klaar zijn om het anker te lichten komt een zware onweersbui over. Eerst maar de bui afwachten en ondertussen een alternatief plan maken. Er is een baai op 20 nMijl afstand, Puerto Patillas. Maar het blijft hard waaien. Ik vervang de waterpomp door het oude exemplaar, waar ik 2 nieuwe lagers en een nieuwe seal in heb gezet. Rommy gaat verder met haar dinghy-chap. En we wachten op beter weer. Als we maar eenmaal de hoek om zijn.
Door de Boca de Infierno gaan we om 05.30 de zee op. Het was even NO, maar daar na weer pal Oost, 6 Bft en in buien soms 7 Bft. We worden nat van de regen en de overkomende golven. Drie uur de zee op en 3 uur terug. Puerto Patillas ligt 13 nMijl verder langs de kust, we leggen 25 nMijl af. Het ligt beschut achter de riffen. Er  zijn 9 steigers en ze zijn allemaal verwoest. Daarom vullen we de belastingaangifte maar in. Het is allemaal al ingevuld en het klopt allemaal. Alleen op verzenden drukken. Een kapotte waterpomp mag je niet aftrekken.

Vieques is een bijzonder eiland, dat ten oosten van Puerto Rico ligt. Altijd van de Amerikanen geweest voor schietoefeningen met vliegtuigen. Toen een raket in het dorp insloeg, was het genoeg. De Amerikanen vertrokken en nu is driekwart van het eiland beschermd natuurgebied. De hekken stonden er al. Het eiland heeft aan de zuidkant veel prachtige baaien. Aan de noordkant is één kleine baai en er ligt een dam 3 mijl de zee in. Die gebruikten de Amerikanen om kerosine te lossen voor de vliegtuigen. In het hoekje achter de dam is het goed ankeren. Daar liggen we heel tevreden. Weer 25 nMijl verder naar het Oosten gekomen. 

Drie uur naar het Noorden, drie uur naar het Oosten. Culebra  is nog altijd prachtig, maar wat is er veel vernield door Maria. Net als 5 jaar geleden treffen we veel Amerikanen, die hier zijn blijven hangen. Oude hippies en tandeloze alcoholisten, soms beide. Verder gespierde surfers en duikers, die rondrijden in Jeeps. Hoewel er niet valt rond te rijden, er is één weg met wat korte zijwegen. Met ons volle boodschappenkarretje krijgen we een lift van een oude Amerikaan, die hier al sinds 1959 woont. Toen waren er nog geen Jeeps, vertelt hij. We halen diesel bij de benzinepomp aan de kreek achter de nonlifting liftbrug en laten de was doen in het International Hostel. De eigenaresse is omgekomen in de hurricane, haar moeder runt het hostel. Een oude Zwitser heeft het dak gerepareerd voor gratis inwoning. Zijn zeilboot is gezonken.

De douane ambtenaren zijn heel vriendelijk. Ze geven ons een inklaring, voor de rest van de Amerikaanse eilanden. We gaan naar St Thomas en St John. Daarachter liggen  Tortola en Anageda. We verheugen ons op de hoofdstad van St Thomas, Charlotte Amalie met de Deense pakhuizen.



maandag 16 april 2018

Naar Puerto Rico


De dagen voor een grotere oversteek gaan ongeveer hetzelfde. We bestuderen uur na uur de windvoorspellingen. Ik zie gemene winden opsteken, Rommy denkt dat het prima zal gaan. We discusieren over 21 knopen, dat toch nog maar 5 Bft is. Over stormen waar we dan net gepasseerd zijn. Als de voorspellinmg klopt... Maar als je zo voorzichtig bent kom je nooit ergens... Dat kan hoog oplopen. Ik angstig, Rommy voortvarend. Allebei denken we dat we de situatie objectief bekijken.


En dan gaan we toch maar. Ik bijna in paniek. De eerste nacht is beangtigend, het gerol en gestamp zit nog niet in je systeem en de maan komt pas om 3 uur op. Donker dus.

De tweede dag en nacht begint het te wennen.De derde nacht vraag je je af: is dit de derde of vierde nacht? De vierde nacht vraag je je af: is dit de vierde of de derde nacht? De dagen zijn allemaal eender, je leest, je kookt, je vangt een vis. En dan komt de laatste nacht. Alles krijgt weer energie: morgen komen we aan! En wat is er mooier om een haven binnen te lopen. Waar komen jullie vandaan? Uit Grand Turk, 6 dagen gevaren, wind en  stroom tegen, maar het ging prima. Stukje cake.


Op het beeldscherm kaartje kan je zien, dat we in het begin niet opschoten. We dwarrelden heen en weer als een 16e eeuws galjoen. De wind  ging verder naar het ZO staan, zodat we wat meer afstand goed konden maken. Daarna kromp de wind naar 90 en konden we San Juan bezeilen. Maar later niet meer en de wind werd niet de voorspelde 11 Knts, de meter ging geregeld naar 26 Knts. Stroom tegen de wind in gaf golven van 5 meter hoog. San Juan is niet te bereiken, we draaien van de wind weg en varen naar Mayaguez aan de westkant van Puorto Rico. Om 01.00 uur gooien we het anker uit. Voor het eerst sinds 6 dagen en nachten rollen en stampen ligt de boot stil. We bakken het laatste stuk Mahi Mahi.



Heb je goed geslapen? vraagt Rommy. Geen idee, ik ben gewoon bewusteloos neergevallen na 6 etmalen slapeloosheid. Het is zondag, we bellen de Customs in San Juan. Ze nemen onze gegevens op en vragen ons morgen naar het kantoor in Mayaguez te komen. We mogen naar de marina 8 nMijl verderop om water en diesel te tanken. We varen achter de kliffen langs, overal is het 3 tot 4 meter diep. Rommy ziet een plekje van 2,7 diep. Ik mopper, dat ze altijd het negatieve ziet. Zij zegt, dat het alleen maar om dat ene plekje gaat. Nou, ja. We tanken en  vinden een man, die ons morgen naar de Customs en de supermarkt wil brengen.
Het is toch een oversteek van een week geweest, de helft van een Atlantische oversteek. Volgende keer gaan we vanuit de  Chesapeake Bay met een Noordenwind in één keer naar St Martin. Nu tegen wind en stroom in St Maarten of Statia zien te bereiken. Dan een leuke tijd met Jori, van St Vincent naar Grenada. Voor haar bekend gebied, maar we zoeken nieuwe plekken.



Ons Amerikaanse telefoonabonnement doet het weer, we lezen dat John’s operatie goed is gegaan en dat Feyenoord de 4e plaats zeker heeft gesteld. Daar zijn we blij mee. Nou eigenlijk niet met het 2e feit, we horen op een andere plaats te staan. De plaats waar nu die boeren weer staan. 



Op de weg naar Mayaguez zijn  ze bomen aan het omzagen. Na de hurricane Maria zijn de wegen vrijgemaakt en de leidingen hersteld, nu zijn ze alles aan het verwijderen wat nog op de leidingen kan vallen. Het geeft dus files, maar we hebben geen haast. Alleen onze chauffeur raakt gestressed. Hij windt zich over meer dingen op, terroristen, benzineprijzen, stoplichten. Hij is Kuweit veteraan, radio soldaat. We kiezen zorgvuldig andere onderwerpen. Bij de Customs blijkt dat onze Cruising permit 8 dagen is verlopen. Dat wisten we, we hadden vertraging in de Bahamas (alternator). Krijgen we dus een nieuwe. Nee, het document moet 15 dagen zijn verlopen voordat ze je een nieuwe geven. Het enige wat kan is om in elke US haven opnieuw in en uit te klaren voor $ 38,00. We stemmen er mee in. Wat kan je anders.



Onze chauffeur windt zich op de terugweg danig op over deze bureaucratie. Wij genieten van het prachtige heuvelachtige landschap met veel vernielde huizen en dode bomen. In de bergen is de electriciteit 6 maanden na Maria nog niet hersteld.

We gaan langs de zuidkust naar het Oosten. Zonder in en uit te klaren.


maandag 9 april 2018

Turks and Caicos


Aan de kust van sommige eilanden gaat de diepte binnen honderd meter van 1200  naar 12 meter. Dat zijn mooie duikplekken. Hier bij West Caicos is zo’n plek. Er liggen 6 moorings voor de duikersboten. Grote boten waar de gasten aan boord slapen en die een reis maken langs de super duikplekken. Eén mooring is bezet, we nemen één van de andere. We hadden gerekend met een ETA van 20.30 uur, maar de oostenwind ruimde een beetje, zodat we rechtstreeks konden varen en we om 18.00 uur aankomen.

Onderweg vangen we een grote Mahi Mahi, goed voor 4 maaltijden. Een mooi afscheid van de Bahamas. We zijn nu in de Turks and Caicos, eigenlijk een afgelegen stuk Bahamas. We blijven hier tot de wind gunstig is voor een oversteek naar Puerto Rico. Voorlopig zien we ongunstige zuidoosten wind.

Veel boten durven de Turks and Caicos Bank niet op. De Caicos vormen met 8 eilanden en veel rotsen een cirkel met een diameter van 110 km. In het Oosten en Westen kun je de cirkel binnenvaren, het is overal 3 m diep. De zandbodem licht turquase op. Vanuit de ruimte zien ze een lichtblauwe cirkel. In het midden zie je geen land en is het alsof je in een nogal groot uitgevallen zwembad vaart. Er zijn wat riffen, maar met de zon rechtboven zijn die goed te zien, het zijn bruine of zwarte plekken.

Na 10 uur motoren zijn we aan de overkant van het ronde zwembad. De wind is gaan liggen, er zijn geen golven, ieder plantje en elk koraaltje is scherp te zien. De schaduw van de mast gaat over de bodem. Het is heet. Als we ankeren achter de Six Hill Cays, kunnen we goed zien hoe het anker zich ingraaft. Geen emmer met doorzichtige bodem nodig.


Maar is ook wel saai, 10 uur motoren, 3 keer zien we een andere boot in de verte. We lezen veel, detectives (Nicci French, Borjlond, Schepp, Ohlson, Berg en Paris (aanrader)) en filosofie (epicuristen, Stoa, sceptici in een boeiend overzicht van Gottlieb). En gisteren deden we een quiz: waar stond het Kinderziekenhuis vroeger? Waar komt het nieuwe Feyenoord Stadion? Een Rotterdam Quiz dus. Wat anders....

Van de Six Hills naar Cockburn Harbour is maar 10 nMijl, maar er is weer wat golfslag en de zon staat nog voor ons. Omdat de passage “unsurveyed” is, weten we niet wat voor ons ligt. Stel je voor, dat een deel van het Ijsselmeer niet in kaart is gebracht. Daar zou de VVD meteen kamervragen over stellen (van de VVD moeten wij jachteigenaren het wel hebben). Maar Mark laat dat natuurlijk niet gebeuren.

Cockburn Harbour is half vernield door de laatse hurricane. We lopen door alle straten, maken foto’s en gaan langs de Customs en langs Immigration. Allemaal heel aardige vrouwen. De Nederlandse boot, die na ons arriveert vraagt een passerende auto waar het Customs gebouw is. Stap maar in, zegt ze, dat ben ik. Ze was na ons bezoek voor de lunchpauze op weg naar huis, maar keerde om. Op zoek naar de ATM machine praat ik met mensen, die in schaduw van hun huis zitten. Ik krijg een lift naar Digitel/Canadian Bank. Een erg prettig eiland in de meest verre uithoek. Het Customs gebouw is boven op de hoogste heuvel en geeft een prachtig uitzicht op het lichtblauwe water.

De Seeview Marina wordt aanbevolen in de Waterway Gids, het had prachtige voorzieningen, maar er is niks meer van over. Bij navraag blijkt er toch diesel verkrijgbaar. Onze diesel begint op te raken, dus morgen eerst tanken en dan naar de overkant, naar Grand Turk. Zijn we ook nog niet geweest. Dus zijn we benieuwd.

Grand Turk is verrassend. Veel vakantiehuizen en klaine hotels in historische koloniale panden, op zondag een cruiseschip. We liggen als enige zeilboot tussen de riffen voor Cockborn Town. Wat reisgids wetenswaardigheden: De ezeltjes, die de zoutkarren trokken, zwerven nu over het eiland. De Amerikanen hadden hier een basis voor het uit zee vissen van de ruimte capsules, Glenn was de eerste. In het Noorden is een kreek waar een Rothchild een haven wilde maken, de toevoer verzande steeds ook al werden alle autowrakken van het eiland er voor gegooid. Hier is het scubadiving begonnen, vanwege alle Spaanse wrakken en grote koraalriffen. Er is een monument voor de eerste landfall van Columbus, maar dat feit wordt door de wetenschap betwist. Het oudste scheepswrak is hier gevonden, een Spaanse Caravel, dat wordt niet betwist. Het Turks Head bier is erg lekker, maar kost $5,00. Turks komt van de cactussen met een rode hoed, zoals de Turken die dragen. Maar dat wist u waarschijnlijk wel.


Vanuit Johns Ocean View Bar roept een aangeschoten man dat het 1e biertje gratis en de 2e dubbel kost. Hij herhaalt de grap nog 4 keer en nodigt ons uit voor een rit in zijn taxi, die met draaiende motor voor de bar staat. Toch maar niet, hoewel je hier hooguit een ezel kunt aanrijden.



Een heel mooi oud houten huis wordt te koop aangeboden door de makelaar Theo de Boer.


We gaan ergens eten waar ze WIFI hebben en posten dan deze blog. We wachten nu op gunstig weer voor de oversteek naar Puerto Rico. De wind is niet hard, maar precies uit de
richting waar we heen moeten. Dat wordt misschien 500 nM in plaats van 300 nM varen. We zien wel. Vrijdag of zaterdag is er een bericht uit Puerto Rico.