Ze dachten even dat Guus Hiddink een plekje op de “sombre”
tribune innam. “Nee, hij is het niet, Hiddink heeft een nog dikkere kop …” Dat zagen
ze goed. De wedstrijd tussen Mindélo en Paúl was van het betere amateurniveau,
maar de sfeer was bijzonder kleurig en opgewekt. Dat had ik nou gemist, de
voetbaltribune. Ik was de enige blanke in het stadion, ik verstond geen woord, maar ik begreep toch precies waar het over ging.
in de rust zit het elftal in de schaduw van de dugout
Rommy had zaterdag op het eiland Santo Antao een beenspier
verrekt en was op de boot gebleven. Het was nog koel toen ik door de
volkswijken liep en de bekende geluiden van een stadion hoorde. Een man in een
Feyenoord-shirt nam me mee naar binnen. Kan het mooier.
Cabo Verde is inderdaad groen, de mensen zijn heel relaxed,
het eten is goed en de muziek is nog beter. Tegenover de marina is de Club Nautico met elke avond goede
muzikanten, lekkere vis en een blank publiek met wat dubieuze lokale vrouwen
ertussen. En dan speelde er gisteren nog
een Braziliaanse groep in de drijvende bar van de Marina.
We vierden vrijdag het vertrek van de Flying Circus naar Suriname en
het werd gezellig. Onze eerste ontmoeting met de Flying Circus was voor de kust
ten noorden van Porto. Ik had voorrang, maar hij week nauwelijks uit. Het is
later gebleken, dat Raoul een ontzettend
aardige vent is. We hopen hen op de Suriname-rivier weer te zien.
Rommy zoekt het kalf op de kaart
We waren dus zaterdag met de ferry naar Santo Antao, het grote eiland tegenover Mindélo. Ze zeggen, dat het boven op de Cova de Paúl (de grote
vulkaankrater in het midden van Santo Antoa) heel mooi is. Helaas loop je daar
het eerste uur in de mist naar beneden. Ze zouden daar net zo handig een
Vinexwijk kunnen bouwen, niemand ziet het. Maar als je dan lager komt, dan zie
een vallei met suikerriet, koffiebomen, mais en palmen. Het pad volgt dan de
bruisende rivier naar de zee. Af en toe een straatarm dorp, overal kinderen die
en stukje met je meelopen en vragen om een
stilo en bonbons.
Rommy verrekte een beenspier, misschien omdat ze toch wat
geforceerd loopt vanwege haar knie. Het ging trouwens zo stijl naar beneden, dat je steeds moest remmen om niet uit te glijden op de vochtige stenen. Het busje, dat ons boven bracht kwam ons beneden
voorbij en keerde om ons de laatste kilometers mee te nemen. Nadat we terug
waren gekeerd op St Vincente, aten we een lekker bord cachupa, de bonenschotel
met vlees en mais.
niks geen hoogtevrees
Morgen, maandag, gaan we uitklaren bij de politie en Dana
(werkt in de Marina en spreekt Nederlands) neemt me mee naar een vriend, die een scherpe haak om vissen binnenboord te halen voor me gaat maken. Bij de ingang van de Marina hangen
altijd wat kerels rond, die je iets willen verkopen of iets voor je willen
doen. Als ze meegaan naar de markt betaal je dan niet teveel, maar je moet het
mannetje wel weer betalen. Wij hebben de was laten doen en ik kocht T-shirts
met opschrift Cabo Verde.
Veel mensen hier kennen Rotterdam, sommigen hebben zelfs op
Katendrecht gewoond. Thuis heb je het over die Kaap Verdianen als een probleem
voor Katendrecht, hier is het heel
anders… Straks loop ik met mijn T-shirtjes op de Afrikaandermarkt en praat ik met Kaap Verdianen over dit prachtige land.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten