woensdag 13 november 2019

We varen weer


De klep met de schalelaars en instrumenten staat open. Ik ben bezig met een kapotte GSM-antenne.  En dan heftige kortsluiting: twee draden worden roodgloeiend en de isolatie staat in brand. Binnen 10 seconden is de kajuit gevuld met stinkende witte rook. Ik probeer de draad weg te trekken en verbrand mijn vingers. Paniek. We zien de boot in vlammen opgaan. Dan ren ik naar de batterijschakelaars en gooi de stroom eraf. We hoesten van de giftige rook. We weten het even niet meer. Later komen Allen en Greg helpen. Greg is elektro-man en hij verwijdert de verbrande draden en fatsoeneert de rest. Daarna gaan we erbij zitten met een Gallo biertje. De Canadezen hebben ons weer eens gered.




De volgende dag, na de tai chi, vervang ik beschadigde draden. Alles werkt nu weer normaal en we kunnen door met de klussen van de lijst. Het gaat lukken. Volgende week de verbeterde keuken en de 100 pW zonnepanelen. De airco naar de opslag brengen, losmaken, tanken en wegwezen.


Veel werk gehad aan de diesel leiding. Onder de vuldop was de leiding losgeschoten. Ik heb een inspectieluik in de wc-wand gezaagd en een stuk tussen de slang gezet. De slang vastgezet aan een dwarsbalkje, zodat hij nooit meer los kan komen. Omdat we toch bezig waren, hebben we alle wc-slangen en Y-valves losgemaakt en ontkalkt. Smerig karwei.

We nemen afscheid van de Rio Dulce. 


Van de Shack, Bruno’s, SunDog Café, Ram, Mar, Loranes Hardware Store, de Dispensa en ons eigen Nanajuana.


De Shack waar altijd goede muzikanten spelen, de hamburger legendarisch is en iedereen later op de avond dronken en stoned is, meestal allebei tegelijk.




Bruno’s waar de fishfingers en de liquadas perfect zijn, druk bezocht door gezinnen uit de streek en met de dinghy steiger voor de boaters met vooraan de militaire patrouilleboot.




RAM de naast ons gelegen marina, waar veel kenissen op het land staan, de winkel de lekkerste frapucino verkoopt en waar we vele avonden op het terras hebben zitten kletsen.


RAM en onze marina Nanajuana leven op voet van oorlog, gescheiden door een Berlijnse muur met prikkeldraad. De oorlog is waarschijnlijk begonnen door onze eigenaar, die tot 20 jaar gevangenis is veroordeeld, dat uitzit als huisarrest vanwege psychische klachten en het afgelopen lange feest-weekend zowaar verlof had en op de marina rondliep.


MAR, aan de overkant waar we een paar leuke films zagen en elke maand een markt heeft van 2e hands bootspullen. Nou ja, spullen, ik scoorde de complete Blackadder serie op dvd.Daar zit Julia van Pass it on, die met geld en spullen van de zeilers scholen en bejaardenhuizen helpt. En Anna die de shoppingtrips en onze reis naar Tikal organiseerde.




Loranes, die geweldige hardware store, die alles heeft of weet te krijgen. Met een onbegrijpelijk indeling van de spullen en soms nemen ze je mee naar achteren waar duizend laatjes alle mogelijke verbindingsstukken, kranen en klemmen bevatten.




De Dispensa waar we ons dagelijks voedsel halen, met de enige slagerij waar het vlees wordt gekoeld. Altijd vol, altijd warm, altijd rijen, maar het personeel is vriendelijk en zelfs de gewapende bewaker zet je mandje voor je terug.




In Sundog hadden we van 10 tot 11 Spaanse les van Melvin. Met ongelofelijke pizza’s en salades en lekkere muziek. Pizza, Beer and Rock and Roll.


Op Nanajuana de marina waar wij verbleven lopen ontzettend behulpzame mensen rond en het grote zwembad was elke dag verfrissend. Het rijtje boten met Canadezen, Zuid-Afrikanen, Nederlanders, Engelsen en één Belg.is een dorpje, je helpt elkaar, je vertelt eindeloos verhalen en je viert de verjaardagen. 


Bij MAR vieren we e verjaardag van Ken, de Canadese vriend die zijn boot moet verkopen omdat zi9jn vrouw Alzheimer heeft. Er zijn zo’n 30 mensen en we kennen ze allemaal. Het is tijd om te vertrekken.


Omar Castenada komt op het allerlaatste moment 2 nieuwe zonnepanelen monteren. We gaan van 110 W naar 200 W. En Carlos komt op het allerallerlaatste moment een stuk fineer brengen, zodat ik de keuken helemaal perfect kan maken. Om 17 uur maken ze ons los en gaan we midden op de Rio voor anker.




De volgende morgen de oude zonnepanelen naar Pass it on brengen. Bij de pharmacia helen we nieuwe voorraad Omeprazol en 3 antibiotica kuren.  Tanken, fruit en drinkwater kopen en daar gaan we. Heerlijk.


We hebben het uitklaren dit keer aan Raul uitbesteed. Hij komt ons de gestempelde paspoorten het uitreisdocument brengen als voor Livingston zijn. Ruim op tijd om de zandbanken voor de Rio monding over te steken. Op de dieptemeter is het laagste punt 1,6 meter. Geen probleem. Op naar Belize.


zaterdag 26 oktober 2019

Maya monumenten en hunebedden



Een Maya grafmonument is eigenlijk een soort hunebed. Een graf van zand en stenen. Alleen heeft de Maya-beschaving geen Cuby and the Blizzards voortgebracht. Niet iedereen was het hier mee eens. Zelfs Henk niet en die komt uit Dalen. We waren drie dagen in het Noorden en verkenden twee Maya sites, een grot, het eilandje Flores en een shopping mall. 



Zo’n Maya-site is heel uitgestrekt, je rijdt eerst kilometers door de dichte jungle, bij de ingang koop je een kaartje en is het nog een paar kilometer tot aan de site. Tientallen monumenten, huizen en paleizen of er nog van over is. Vooral de grootte maakt indruk.



Het mooiste van zo’n reis vind ik de bustocht. Het landschap, groene heuvels en bergen of vlaktes met koeien. Af en toe een arm dorpje met tiendas en veel mensen op straat. En dan een stuk met banden-reparateurs, pompstations en wegrestaurants. Op het laatst rijd je langs de grens met Belize.



Het had veel geregend en ons busje haalde de laatste klim van het zandpad niet. We gingen met z'n allen achterin boven de wielen zitten, ook dat lukte net niet. Toen gingen drie sterke mannen duwen en we haalden het (mijn sterkte was mijn gewicht op de wielen).




Terug op de boot hebben weer wat klussen geklaard: Arnie maakte een nieuw ingangsluik van fiberglas en het 3-kleuren toplicht doet het weer. Louis, een Canadese klusjesman is drie keer de mast in geweest. Uiteindelijk vonden we het probleem in de stekker bij de mastvoet. Iemand had twee draden omgewisseld...






Er keren steeds meer vrienden terug in de Rio. Janna en Steiner uit Noorwegen, Heike en Herwig uit Hamburg, Sabrina en Tom uit Kansas en Sjeff en Dianna uit Engeland, Michiel en Katie uit de USA en Sharon uit Schotland. Donderdag komt Ken uit Canada, hij heeft zijn vrouw Grace thuis moeten laten. Ze heeft Alzheimer en vindt het avontuurlijke leven verschrikkelijk.


In het hotel in Santa Elena keken we drie uur naar het debat tussen de Democratische kandidaten. Onze keuze was Buttigieg, maar hij is nog zo jong. Warren is een zeurkous en Sanders wel erg oud. Niemand met het statuur van Obama, maar Rutte leek ook eerst een snotneus en is nu een groot leider. 




Rommy naait het zeil van Leo uit Antwerpen, Ana geeft ons gratis Spaanse les in de palappa. Melvin doet het in SunDogCafe elke morgen met ons samen van 10 to 11 voor 15 Qetzales per les (€1,60). Ik worstel met het verschil tussen de Preterito en de Imperfecto. Rommy oefent de vier vormen van de Subjuntivo en Futuro. Werkwoordtijden, die we in het Nederlands zelden of niet gebruiken. Maar alleen in de tegenwoordige tijd praten met enkel de onvoltooid verleden tijd, dan praat je als een gastarbeider, als sommige gastarbeiders. In Latijns Amerika gebruiken ze de (on)voltooid verleden tijd toch al bijna niet. Ze zeggen altijd: ik zag je (te vi) of ik zag je altijd: (te veia siempre). Eigenlijk: ik placht je te zien.



's Morgens om 7 uur doe ik Tai Chi op het terras bij het zwembad. Dat wil zeggen: ik geef les aan 4 leerlingen. Dat is ontzettend leuk om te doen. We zijn al bij de 29ste beweging. Er zijn er 108, maar er zijn veel herhalingen.




We vertrekken over drie weken en we zien er naar uit. Bestemming is Belize City. Daar een weekje varen, snorkelen en relaxen met Jori en Steef. Daarna Mexico, Cuba, Cayman’s en Jamaica. Je moet toch wat.

Er heerst nog steeds Staat van Beleg en gisteren is er 556 kilo cocaine onderschept. Stelt hier niks voor. Voor mijn spaans lees ik de regionale krant. Met bloedige fotos van frontale botsingen en schietpartijen. Een pitbull die werd afgemaakt omdat hij een baby had doodgebeten staat nog even levend op de foto, met de bloedige baby op de achtergrond.

We zagen nog Ajax-Feyenoord op een live stream. Wat een leuk ploegje, jong en onbevangen. We hebben genoten, jammer dat ze het de tweede helft voor gezien hielden.

Een Amerikaanse zeiler probeert iedereen Belize Dollars aan te smeren. Hij was in Belize op een rif gelopen, er door de kustwacht afgetrokken en in de cel gezet voor het vernielen van het koraalrif. Na het betalen van $20.000 kwam hij vrij. Later wist hij het geld terug te krijgen, maar het werd hem in Belize Dollars uitgekeerd. Dat is bij de bank te wisselen voor 30% kosten. Dus loopt hij er mee te leuren.

zondag 13 oktober 2019

Terug op de Rio Dulce


Al een week zijn we weer terug en nu pas komen we weer in ons ritme. Niet het tijdsverschil maar de hitte doet ons de das om. Zelfs de locals klagen over de verzengende hitte en de afwezigheid van regen. Het behoort hier regenseizoen te zijn, elke dag dikke bakken regen, maar het regent maar af en toe. Stevig, maar niet van die tropische regenbuien, die horizontaal massief naar beneden storten.





Tegen het middaguur valt er niet meer te klussen en als we dan nog boodschappen moeten doen, stellen we onszelf een ijskoude liquada in het vooruitzicht. Als het een beetje waait zijn de overtochtjes in de dinghy wel verfrissend.

Na een week staat de romp in de antifouling, is het heklicht gemonteerd, staat de propellor in de zinkverf en is men de nieuw beklede kussens, de gerepareerde ankerlier en de gegalvaniseerde ketting komen brengen.


De nieuwe keuken kastjes zijn tijdens onze afwezigheid 2 cm gekrompen. Verkeerd hout gebruikt. Is te verhelpen, maar pas als we weer in het water liggen. Carlos de timmerman mag de boatyard niet meer betreden, nadat de verf van een boot viel, die hij had geschilderd. Wisten wij niet. We zijn benieuwd hoe dat afloopt, mischien gaan we voor $ 500  het schip in, misschien lost hij het op. Op zijn website heeft Carlos het steeds over God en zijn lieve kinderen. Misschien kunnen we op zijn schuldgevoel werken.




De klusmannen zijn best betrouwbaar. Als ze zeggen dat het morgen klaar is, wordt het overmorgen of de dag daarna of de dag daarna of daarna.

Onze dagplanning ziet er als olgt uit: van 6 tot 9 klussen, van 10 tot 12 Spaanse les in SunDog Café, even boodschappen doen bij Dispensa, lichte lunch soms lastig. Maar zonder plan kom je nergens.




Er is nog steeds noodtoestand met avondklok, wegcontroles en samenscholingsverbod. Een aantal weken geleden zijn bij een controle 3 militairen door een drugsbende doodgeschoten, sindsdien is hier een soort militaire bezetting. Wij, de buitenlanders merken er niet veel van. Ons busje wordt nooit aangehouden, maar we zien wel andere voertuigen gestopt en doorzocht. Veel geweren overal. In de lijnbus wordt je wel gefoulleerd, na elke stop opnieuw. Maar dat was altijd al zo. En activiteiten, zoals filmvertoningen, pubquizen, jamsessies beginnen nu om half vijf, zodat men nog voor de avondklok naar huis kan varen.

Vandaag zou Carlos om 8 uur komen en Arni met het toegangsluik om 10 uur, beiden zijn niet geweest. Dat is normaal hier, je maakt een week lang nieuwe afspraken en uiteindelijk komen ze een keer.




Van de werkplaats (taller) waar onze lier is gerepareerd loop ik langs een soort pharmacia. De winkelier groet me en we maken een praatje. Hij verkoopt natuurlijke geneesmiddelen. Nou ik heb niets nodig zeg ik... behalve voor mijn schouder, die doet zo’n pijn, dat ik niet kan slapen. Hij heeft daar iets voor. Ik koop een pot met pillen. Het ziet er uit als gemalen koeiestront. Terug op de boot neem ik er één en de pijn is weg. Rommy wil het niet geloven, maar drie dagen later neemt ze ook een pil voor haar schouderpijn. En de pijn is ook meteen weg. We weten niet wat we er van moeten denken. Placebo? Pijnstiller door de koeiestront? Toeval?



We gaan 3 dagen naar Tikal en omstreken. Nog wat Maya ruïnes bekijken, beklimmen en ons verwonderen hoe dat allemaal kan en zo ineens is verdwenen. We gaan met 12 zeilers en hebben een eigen bus  met airco, die ons overal haalt en brengt. Verslag volgt.







zaterdag 17 augustus 2019

Guatemala City



We zijn weer landrotten. De boot was te ondiep voor de launch wagen: 2 mannen leggen duikend houtblokken op de canvas riemen. Het duurt een uur tot we uit het water zijn. Dan is het lunchtijd. Het op de grond zetten duurt anderhalf uur, maar dan staat de boot kaarsrecht en ondersteund door 9 stutten en 2 stapels blokken onder de kiel. De elektro man is al naar huis, maar we flansen 2 draden aan een schakelkastje en de airco draait. Een Nederlandse veiligheidsinpecteur zou hier nachtmerries krijgen. Het zijn makkelijke mensen hier, schreef ik al eerder. En we houden van ze.



We logeren 2 nachten in Café de Paris, een hotel en café aan de hoofdstraat met espresso en croissants. De enige gelegenheid met airco. En spotgoedkoop.. Ik zit nu op het dakterras te typen en kijk ondertussen uit over het dorp. Beneden denderen de grote camions met koeien, de volle chicken-bussen en de tankwagens door de winkelstraat. De trucks gaan 10 centimeter langs je arm. Ik neem zo even een foto.



Een chicken-bus is spotgoedkoop, ze gaan overal heen en zijn warm en vol. Van buiten vaak schitterend beschilderd en binnen zit inderdaad  soms de boer met een mand kippen. Morgen gaan we met een luxe bus naar Guatemala City en logeren daar in het Clarion Hotel. Superlux voor $ 55 per nacht.



Carlos heeft ons RVS gepoetst. Hij heeft een maagzweer en gaat vrijdag naar het ziekenhuis in Barrios voor een X-ray. Dat kost hem Q 700, dat is 85 Euros. We betalen het voor hem samen met de bootbuurman Dag. Een operatie zou 1000 Quetzales kosten, ook dat zullen we betalen. Zo spotgoedkoop alles…


De Mayas zijn lieve mensen. Ervaren Zuid Amerika reizigers zeggen, dat ze je in andere landen  gringos vaak een poot uitdraaien, maar hier niet. Beste is goed Spaans te spreken en daarin zijn we hard op weg. Poco a poco, estudiamos todos las dias y me gusta estudiar. Wat moet je anders doen? Een uur in het zwembad is lang genoeg en in het dorp is het veel te heet. Studeren houdt je jong, dat is een feit.

Maar je blijft altijd een gringo. Moet je ook niet anders willen. Wat je wel kunt worden is een oude langharige alcoholistische expat. Moet je ook niet willen, maar het zou wel kunnen. Ik zag er vanmorgen op een terras al 2 aan het goedkope ICE bier: mijn leeftijd, mijn kop, mijn buik, mijn versleten T-shirt.


Guatemala City wordt door ons niet sterk aanbevolen. We waren in het Museo de Arte Moderna. Dat was mooi, 2 schilders sprongen er uit: Diaz en Merida. De oude stad is een vervallen rommel. We luisteren op het plein nog even naar een marimba orkest van oude heren. Een twintigtal ook oudere dansparen danst voor het podium met ernstige concentratie. Een groepje jongens loopt met mee, ze denken dat we Amerikanen zijn. Misschien omdat 60% van de jongeren naar Amerika wil? Rommy denkt, dat ze het op mijn portemonnee hebben voorzien.

We eten voor de 2e keer in de Carejo Brewery. Goede stevige IPA en heel lekker eten en de eerste wedstrijd van Frenkie bij Barca op grootbeeld. Twee blokken bij het Clarion vandaan. We trekken ons vroeg terug in onze suite, want morgen vroeg op. Om drie uur, om het vliegtuig van 6 uur te halen,  de douane werkt hier met een slakkengang. En dan zijn we maandag in Amsterdam. Tot zo.





dinsdag 30 juli 2019

Van Antigua terug naar Rio Dulce


De trucks met koeien, die op de motor remmend de brug afkomen blijven het eerste stuk van de winkelstraat nog even door knetteren. Als we via een trapje de weg betreden valt de herrie over ons heen. En dan de hitte en de kletsnatte lucht, maar daar hoor je ons niet over. Uit Nederland horen we alleen maar geklaag over de hitte, nou dat stelt helemaal niks voor vergeleken met hier. Maar ons hoor je er niet over.

Weer terug dus in Rio Dulce (het stadje heet eigenlijk Fronteras). Ik neem een kijkje in de werkplaats waar onze ankerlier wordt gemaakt. Ze zijn blij, dat ik er ben. Aan de kant waar je een touw kunt lieren zit een lager vast en ze krijgen het niet los, de haakse slijper moet erop. Nou hebben we in 7 jaar dat ding nog nooit voor touw gebruikt, dus ga je gang. En dat alles in gebrekkig Spaans. Van mijn kant dan.

We hebben de flashkaart App ontdekt. Je zet kaartjes in de computer, de vraag aan de ene kant en het antwoord aan de andere kant. De app herhaalt het kaartje op het meest geschikte moment, niet te vroeg en niet te laat. Afhankelijk van hoe gemakkelijk en snel je het goede antwoord geeft. De app heet Anki. Te gebruiken voor uit het hoofd leren. 

De bus terug uit Antigua slaat plotseling een zandweg in. Even denkt ik dat we ontvoerd worden of dat de chauffeur zijn lunch thuis moet oppikken. Maar het is een omleiding vanwege werkzaamheden. Na een half uur bereiken we de oude weg die parallel aan de snelweg loopt. Trucks kunnen deze zandweg niet nemen, maar één is er toch beland. De chauffeur probeert met hulp van een politieagent en zijn bijrijder in een dorp te keren. De bijrijder waarschuwt steeds voor een soort kiosk achter de truck, maar de truck knalt er elke keer tegen aan. Als het keren na 10 minuten is gelukt werpt de bijrijder nog een blik op de kiosk en stapt in. Het zijn gemakkelijke mensen hier.

De snelweg is trouwens een bochtige 4-baans weg zonder opritten of viaducten en met stalletjes en winkeltjes. Er rijden tuc-tucs en de arme mensen sjouwen met groenten en waterflessen langs de kant. Men houdt niet rechts en af en toe kun je omkeren door de middenberm. Lange auto’s blokkeren dan de linkerbaan. 

Antigua is een mooie oude stad, de oude hoofdstad uit de tijd van de Spanjaarden. Veel Amerikaanse toeristen, maar we horen ook Nederlands, Frans en Duits. Na 14 dagen Maja voedsel, lekker maar bescheiden porties, verlangen we naar vlees. Papa’s BBQ maakt de beste Texas steaks en pulled pork. Met een goede IPA van de Antigua Brewing Company. De tweede dag bezoeken we de brewery zelf en op het dakterras nemen fish in IPA-beslag met chips. Uitzicht op de 3 vulkanen die de stad omringen.

Na Panajachel dachten we, dat alle huizen hier een beetje vies en versleten zouden zijn, maar onze airb&b is schoon en heel. Er zijn 2 grote kamers en een eigen binnenplaats. Negentig dollar voor 3 dagen. De binnenplaats hebben we niet betreden.

Verdwaald op de markt zoeken we een uitgang. Naar 4 kanten is er 200 meter verder zonlicht, dit is de grootste markt die we ooit hebben gezien. De artisan arkt is ook groot en meer van het  zelfde. We kopen een masker voor aan de wand en 2 geborduurde flessenkoelhouders. 

De Shack is een hut op palen boven het water, gedreven door een 65-jarige hippie met paardestaart. We komen voor de muziek. Drie oude Amerikanen spelen blues en het prachtige nummer van de Band: Take the load off Fanny, met die omhooggaande stem. Mike (onze electraman) speelt Johnny Rivers nummers. Tenslotte verschijnen 2 hippies   in broekjurken metveel dreadlocks en vlechtjes in de baarden. Ze spelen caribische songs en ook Tequilla Sunrise. Met aanstekelijk plezier en heel muzikaal. We genieten en dan barst de regen los. Oorverdovend op het dak van golfplaten. De dinghys aan de steiger lopen tot de rand toe vol. Het dak lekt. We trekken de stoppen uit de loosgaten van de dinghys. Het licht valt overal uit, gaat een paar keer weer aan en blijft dan uit. Als de regen mindert hozen we de dinghy halfleeg en pruttelen doorweekt naar de donkere overkant. Vlak voordat we er zijn is er weer electriciteit, hetgeen het aanlanden vergemakkelijkt.


Zo brengen we onze dagen door en het aantal lezers van het blog daalt zienderogen. Vanavond draait in een marina de eerste Tarzan film (die hier in de Rio Dulce is opgenomen). Dan is er een rivierafdaling in autobanden, dan kun je naar een shoppingmall in Barrios, dan is er een pub-quiz. En in de palappa naast onze 14 boten doen we Mexican Trained Domino of Cards Against Humanity. Of we ouwehoeren slap met een biertje. En dan is er natuurlijk het zwembad. Een ober komt altijd vragen of hij je wat kan brengen, maar we nemen ons eigen bier mee. We zijn maar arme zeilers.

Ondertussen wordt het roestvrij staal gepoetst voor 25 Euro per dag en een nieuwe keuken in teak ingetimmerd voor 450 Euro. En het anker en de ankerketting worden in Guatemala City gegalvaniseerd voor weer zo’n belachelijk bedrag. De waterpomp, de wc afsluiter, de batterij van het moederbord en het heklicht doe ik zelf. Anders ga je je decadent voelen.


Over twee weken laten we de boot op het droge zetten en vertrekken we naar Nederland. We verheugen ons er op om iedereen weer te zien.

Er is in augustus een tweede ronde van de verkiezingen. De meeste kans maakt mevr Torres, de vrouw van een vorige president. Ze wordt vervolgd voor 50 misdaden, maar is straks als gekozen weer 4 jaar niet vervolgbaar. De andere kandidaat is van de Vamos. Ze zeggen niet corrupt te zijn vandaar de blanco overhemden.


donderdag 18 juli 2019

2e week in Panajachel



Futbol! Nana Sport tegen Monos Verdes. Om 3 uur in het gemeentelijke stadion. Op de betonnen tribune in de schaduw zitten al zo’n 150 mensen. Voor de tribune staan verkopers met fruit en ijsjes. Op het veld staan merkwaardigerwijs vier teams. Ze pingelen wat tegen een bal, staan in groepjes te praten of zitten op het gras in de schaduw vlak voor de tribune. Ook de 2 grensrechters staan rustig te praten. Alleen de hoofdscheidsrechter is in overleg met 2 mannen met rugzakken. Een half uur gebeurt er niets. Dan is er een besluit genomen: de wedstrijd van Pana is verplaatst naar volgende week. De 2 lokale ploegen van dikke mannen stellen zich op. Het publiek staat op en loopt gelaten naar de uitgang. We blijven even zitten bij een paar familieleden van de spelers om te zien hoe het niveau is. Als dat erbarmelijk blijkt, stappen we ook op. Aan de achterkant van de kassa krijgen we onze 40 Quetzales terug en van alle kanten horen we: Sorry. Ze waren heel blij, dat er 2 Nederlanders zijn komen kijken en dan dit.



In het Spaans kopen we een mooie leren reistas. We vertellen de man, dat we nu 5 dagen les hebben bij de Jabel Tinamit school en hoe verbazend het is, dat we nu al zo goed met hem kunnen praten. Dat komt omdat jullie erg intelligent zijn, zegt hij. Kijk dat is een verkoper.

Terwijl de onregelmatige werkwoorden nog in mijn hoofd dreunen en de 6 verleden tijden in Rommy´s hoofd gaan we met 6 mensen van de school achter in een pickup de bergen in. Prachtige uitzichten over het Atitlan Meer. Helemaal aan de overkant van het meer lopen/klauteren we in de felle zon 600 meter naar beneden naar het dorpje San Antonio Palopo. Beneden denken we alleen maar aan een koud biertje, maar er is nog een bezoek aan een pottenbakkerij, een schooltje en een weverij. Dan meteen terug naar Pana in een pickup over de bochtige weg vol gaten beneden langs het meer. Maar het was een leuke middag. Zeg ik nu de pijn en de dorst zijn verdwenen.

In de pickup zit je op een plank tegen over elkaar, maar als je goedkoop wil kan je op de treeplank aan de achterkant staan. Vergt wat van je armspieren in de bochten. Wij zaten.

Het is trouwens prachtig aardewerk en de geweven stoffen zijn heel kleurrijk en karakteristiek. Alles met de hand. We hebben het nodige gekocht voor onze vrienden in Nederland. En voor mijzelf een gekleurd overhemd, dat ik ga dragen bij alle ontmoetingen met vrienden in Nederland (eind aug begin sept).

Voor het slapen toch nog het huiswerk (la tarea) doen: de vervoegingen van werkwoorden waar de e verandert in ie, de e in i, de o in ue en nog meer van deze dingen. Je hebt zelf op vakantie wel eens gezegd quiero pagar (ik wil betalen), dat komt dus van querer. Of je zei: lo siento (sorry) en dat komt van sentir. En natuurlijk: cuanto cuesta?, van costar. We zijn hier werkelijk hard aan het werk en met resultaat. Morgen om 6 uur opstaan en alles nog eens doorlopen. Ik zou niet willen dat er een fout in mijn huiswerk zit.

Vrijdag is de laatste schooldag en gaan we meteen met een busje naar Antigua een historisch en zeer toeristisch stadje twee uur van Panajachel. We blijven daar een paar dagen en gaan dan terug naar de Rio Dulce, naar de boot.

De man waar we onze meeste dingen kopen loopt mank. Achter in de winkel hangt een foto van een paardenrace. Dat was hij, dertig geleden viel hij en moest stoppen. Nu verkoopt hij spullen uit zijn dorp Santos los Perez.